Een laatste reis

image
De glazen deur van het Peabody hotel schoof open. We verruilden de koele hotel lobby voor de beklemmende hitte, typisch Florida. Terwijl we hand in hand over het pad naar de parkeergarage liepen moesten we steeds weer stoppen voor de kleine hagedissen. Zelfs de dieren hadden een Amerikaans ego. Ze zouden zonder moeite vertrapt worden door mijn schoenzolen, maar trokken zich hier niets van aan. Rustig bleven ze midden op het pad zitten en keken recht omhoog. Alsof ze tegen ons wilden zeggen; ‘Ja, wat? Dit is ons pad, deal with it!’

Nieuw avontuur
Zodra we bij de parkeergarage waren, nog geen honderd meter verder van de ingang van het hotel, plakten de shirts al tegen ons lijf. Met de ramen omlaag reden we de garage uit en de grote Amerikaanse wegen op. Op weg naar een nieuw avontuur tijdens de vakantie van ons leven. Alles hier ademde vrijheid, de wegen, de mensen. Het contrast met ons kleine Nederland was meer dan groot. Bij de plaatselijke IHOP stopte we voor een ontbijt, zoals blijkbaar iedereen deed. De tent zat stampvol, de geur van versgebakken pannenkoeken en koffie vulde de ruimte. Thuis ontbijten kenden ze hier blijkbaar niet. Terwijl ik met moeite de grote stapel pannenkoeken opat, begon mijn vriendin te lachen. ‘Doe geen moeite. Kijk maar om je heen.’ Ze gebaarde met haar vork.

Om me heen stonden mensen op, halve stapels wafels en bacon nog op hun bord. Nonchalant overhandigden ze hun creditcard en vervolgden hun weg. Was dit Amerikaans leven? Met een overvolle buik stapten we terug de vochtige warmte in. Melanie draaide de volume knop van de radio omhoog. Over vijftien minuten waren we bij onze eindbestemming; het strand. Aan beide kanten van de weg stonden palmbomen, tropischer kon niet. Ik minderde vaart en keek naar rechts, naar haar. Melanie keek naar buiten, haar haren dansten in de wind van het open raam. De grote zonnebril sierde haar bleke gezicht. Haar huid leek van porcellijn. Prachtig, maar breekbaar.

Diepe omhelzing
‘Ik zie er niet uit,’ zei ze, terwijl ze paniekerig een hand op haar hoofd plaatste. ‘Je bent prachtig. Het is oké.’ ‘Ik weet het niet lieverd.’ Ik greep haar hand, die verrassend koud was, en kuste hem. ‘Maar ik weet het wel.’

Melanie trok haar slippers uit en smeet ze op de achterbank. In een diepe omhelzing liepen we het strand op. Onder het lopen keek ik naar haar witte benen, ze vielen bijna weg tegen het witte zand. Vroeger hoefde ze maar zonlicht te ruiken en was ze al bruin. Nu was alles anders. De lichtblauwe jurk viel elegant over haar lichaam. Ze was prachtig, nog steeds.

‘Kon ik hier maar blijven zitten,’ Ze smeet haar hoofd naar achteren. ‘Tot het voorbij is.’ We zaten op een rots. Haar voeten bungelde in het water. Telkens wanneer er een nieuwe golf tegen haar benen sloeg, ging er een rilling door haar lijf. Het was vierendertig graden, en ze had het koud. Ik kon het niet langer aanzien. Zij was de degene die sterk was, niet ik. Zij was de pilaar die ervoor zorgde dat de ruïne, genaamd mijn leven, niet in elkaar stortte. De rollen waren omgekeerd. Maar ik kon het niet, niet altijd. Ik probeerde het te stoppen, maar de tranen kwamen.

Fuck kanker
‘Je bent bang hé?’ zei ze. ‘Meer dan bang.’ Melanie plaatste haar hand op mijn been en keek me aan. Ik zag de zwakheid. ‘Ik zal er altijd zijn lieverd.’ Ze zuchtte en trok de pruik van haar hoofd. ‘Het jeukt zo.’ Zonder haar was ze niet minder lelijk. Het maakte haar krachtig, als een roofdier. ‘Ik hou van je Melanie. Ik zal nooit van iemand anders kunnen houden.’ ‘Jawel, dat eis ik zelfs,’ Ze boog naar me toe en zoende me, vurig. ‘Ik wil dat je van iemand anders gaat houden lieverd, ooit. Ik wil dat iemand je gelukkig maakt, en andersom.’

Ze stond op. Haar gezicht naar de zee, de jurk wapperde in de wind. Nu zag ik pas goed hoe mager ze geworden was. Ze keek de verte in, en toen naar de pruik in haar handen. Een traan stroomde over haar wang. ‘Ik ben er klaar voor.’ Ze smeet de pruik in de zee. ‘Fuck kanker, ik leef voort.’

Koen Thurlings

Dit is dag vijf van Aicha Qandisha’s Zomerse Verhalenwedstrijd. Elke dag staat er een nieuwe inzending online. Het beste verhaal wint een Aicha Qandisha prijzenpakket. Hier kun je de overige inzendingen lezen.